To refer to this article use this url: http://www.quotidian.nl/vol02/nr01/a03
Lokaal omwonenden
Aangezien de gemeentes een grote rol hebben gespeeld in de inrichting van de plaatsen en zij hier onderling ook sterk in verschillen, is het de vraag hoe lokaal omwonenden tegen deze beslissingen aankijken en meer in het algemeen hoe zij het ervaren om nabij de huizen van Dutroux te wonen. Verschillende buurtbewoners van de huizen van Dutroux in Jumet, Marcinelle en Sars-la-Buissière zijn hiervoor geïnterviewd.
Allereerst is het opmerkelijk dat veel buurtbewoners niet over de Dutroux-affaire willen praten en daarom niet willen deelnemen aan een interview. Een oorzaak hiervan kan de gevoeligheid van de gebeurtenissen zijn. Verder is het opvallend dat de omwonenden van het huis in Marcinelle veelal van buitenlandse afkomst zijn en er recentelijk zijn komen wonen. Dit betekent dat deze mensen er nog niet woonden toen de Dutroux-affaire veel aandacht kreeg in de media. Hoewel hier geen concreet bewijs voor gevonden is tijdens het veldwerk, lijkt het plotselinge vertrek van veel oorspronkelijke buurtbewoners in verband te staan met de ontknoping van de Dutroux-zaak. Twee buurtbewoners van het huis in Marcinelle stellen tijdens een interview inderdaad dat sinds Dutroux er gearresteerd werd in 1996, de wijk ‘erg achteruit’ is gegaan. Volgens hen zijn de huizenprijzen fors gedaald, waardoor er veel armere mensen in de wijk zijn komen wonen. Tevens klaagt men over het afval en het vuil in de straat. Bij de lokaal omwonenden van de andere huizen, die minder nadrukkelijk in het nieuws zijn gekomen, komt dit fenomeen niet aan de orde. Het wegtrekken van oorspronkelijke bewoners uit de wijk en het niet willen praten over de Dutroux-affaire kan gezien worden als een illustratie van de impact van een donkere plaats op de woonplaats van omwonenden.
Uit de interviews blijkt dat de meningen van de buurtbewoners over de huizen van Dutroux en wat er met de plaats gebeurd is, veelal overeenkomen. Een aantal van de buurtbewoners vindt het passend dat er een monument is geplaatst bij de huizen in Marcinelle en Jumet. Ditzelfde geldt voor de geplante bomen bij het huis van Dutroux in Sars-la-Buissière en de bevestigde plaquette. Men ziet de monumenten en de bomen als een uiting van respect voor de slachtoffers en een waardige manier om de slachtoffers te herinneren. De omwonenden refereren hierbij veelal aan de gruwelijkheden die op de plaatsen gebeurd zijn:
‘Ik vind het goed dat het monument er is gekomen. Het is toch wel mooi om op die manier de slachtoffers te doen herinneren. Het is erg wat er gebeurd is, vreselijk.’
– Buurtbewoner in Marcinelle
Diegenen die er al woonden voordat het bekend werd dat Dutroux de zes vermiste meisjes had ontvoerd en vier van hen vermoord had, spreken over de impact van de affaire op hun leven. Zo spreekt men van een onrustige periode, waarbij men dagelijks te maken heeft gehad met de media en mensen die de huizen bezochten. Een van de buurtbewoners van het huis in Sars-la-Buissière heeft zelfs geprobeerd het huis te kopen om op deze manier de rust terug te brengen. Voorheen trokken de huizen veel toeristen, maar op dit moment is het aantal toeristen gestaag afgenomen. Het huis van Dutroux in Marcinelle trekt nog wel steeds bezoekers. Zo wordt er wekelijks een tour gegeven langs dit huis en zijn er toeristen die het huis op individuele basis bezoeken.
Naast de enkele buurtbewoners die het plaatsen van een monument toepasselijk vinden, ervaren de meeste omwonenden van de huizen van Dutroux de geplaatste monumenten negatief. Dit komt doordat men keer op keer geconfronteerd wordt met de Dutroux-affaire en al de gebeurtenissen die in het huis hebben plaatsgevonden:
‘Het is mooi dat het monument geplaatst is, maar het roept de gebeurtenissen wel elke keer op.’
– Buurtbewoner in Jumet
Verder stellen veel buurtbewoners dat de monumenten in Marcinelle en Jumet te prominent aanwezig zijn. Deze bevinden zich immers langs een openbare weg, waardoor men zich telkens weer de gruwelijkheden herinnert. Een van de buurtbewoners in Jumet stelde dat de slachtoffers van Dutroux altijd een plaats zullen hebben in haar hart, maar dat het te heftig is als ze er dagelijks aan herinnerd wordt door het monument. Het liefst zien deze omwonenden niets op de plaats van het huis. Zo kan men rust vinden en wordt men niet dagelijks herinnerd aan de affaire:
‘Als het aan mij zou liggen zou ik niets met de plaats doen. In mijn hart zal ik de gebeurtenissen nooit vergeten, maar dan is de confrontatie minder.’
– Buurtbewoner in Jumet
‘Het monument dat geplaatst is zie ik elke dag en het huis ook. Elke dag word ik ermee geconfronteerd. Het markeert je dag met Marc Dutroux. Ook het huis staat er nog. Het is moeilijk om er elke dag mee geconfronteerd te worden. Ik zou graag willen dat er niets was, om de hele zaak te vergeten. Het is niet mooi zo.’
– Buurtbewoner in Marcinelle
Bovenstaande citaten duiden erop dat men de zaak wil vergeten en dat het huis voor de buurtbewoners symbool is gaan staan voor de handelingen van Dutroux. Het feit dat de monumenten door de meeste buurtbewoners niet positief worden ervaren, komt overeen met de theorie van Seaton (2009), die stelt dat ook een goed bedoeld initiatief op een donkere plaats, zoals een monument, negatief ervaren kan worden door de lokaal omwonenden (Seaton 2009, 100).
Al eerder is opgemerkt dat de huizen in Marcinelle en Sars-la-Buissière nog fysiek aanwezig zijn. Deze twee huizen zullen in de toekomst gesloopt worden. De lokaal omwonenden van deze huizen staan allen achter dit besluit. Bij sommigen is de frustratie op te merken dat het huis nog steeds niet gesloopt is. Ook hier beweert men dat de huizen een dagelijkse, pijnlijke confrontatie veroorzaken met de handelingen en praktijken van Dutroux:
‘Het huis gaat gesloopt worden, blij toe. Ik denk wel dat het beter is voor hier. Het is zo druk geweest, elke keer weer de pers en de hele ophef over het verkopen van dat huis. Het is wel weer mooi geweest.’
– Buurtbewoner in Sars-la-Buissière
Het lijkt erop dat men de Dutroux-affaire wil vergeten en dat de affaire voor genoeg ophef in de buurt heeft gezorgd. De huizen lijken de gruwelijkheden van de zaak Dutroux te reflecteren. Anderen accepteren dat het proces van het slopen veel tijd vergt.
Strijdig met wat Consoli en Basile opperden over het betrekken van buurtbewoners bij de beslissingen ten aanzien van de plaatsen van de huizen van Dutroux, zijn de omwonenden van mening dat ze niet betrokken zijn bij de beslissingen die de gemeentes gemaakt hebben. Slechts één buurtbewoner van het huis in Marcinelle stelt dat de gemeente hen benaderd heeft om te achterhalen wat zij met de plaats wilden doen.
